Home » Onze Roofvogels/Uilen » Canadese Oehoe Jip
Jip.png

Canadese Oehoe Jip

Latijnse naam: Bubo Virginianus subarticus 

  • Lichaam Lengte: Man 51 cm, Vrouw 60 cm.
  • Spanwijdte: Man: 134 cm, vrouw: 143 cm
  • Gewicht: Man: 680-1450g, vrouw: 1000-2500g
  • Geslachtsrijp: na 2 jaar
  • Broedtijd: Aan het einde van de Winter
  • Eieren: 2-4 eieren
  • Incubatietijd: 28-30 dagen
  • Verspreiding: Verenigde Staten

De Canadese oehoe is een van de 23 ondersoorten van de Amerikaanse oehoe, de Bubo virginianus. Het vrouwtje is een stuk groter dan het mannetje, dat scheelt wel 10 cm. Het vrouwtje vooral dus is een flinke uil, zij is rond de 58 cm groot en de spanwijdte van de vleugels kan wel anderhalve meter bedragen.

  • Leefgebied:

Canadese oehoe's leven in het noorden van de Verenigde staten en in Canada in en rond bossen, soms tot op grote hoogtes. Gemengd bos biedt hen slaap- en schuilplaatsen en jagen doen ze meestal boven open terrein.

  • Voedsel:

Deze reuzen zijn echte vleeseters en daarin zijn ze bepaald niet kieskeurig. Alles wat ze te pakken kunnen krijgen, voldoet. Vogels, knaagdieren en konijnen, insecten en reptielen staan op de menulijst.
Zelf kraaien zijn niet veilig voor ze. Ze jagen geruisloos vliegend vanuit de lucht, met stootvluchten vanaf een uitkijkpunt, maar ook lopend over de grond. In Amerika worden ze wel "de tijgers van de lucht" genoemd, vanwege hun onverschrokkenheid en hun effectiviteit bij de jacht. Ze vallen net zo makkelijk een forse eekhoorn aan als een rups of libel.

  • Broeden:

Zoals alle uilen, is ook de Canadese oehoe een holenbroeder. Hij kan zelf een hol in de grond graven, maar veel vaker (en makkelijker) nemen ze een bestaand hol over van prooidieren als konijnen of vogels. De oorspronkelijke bewoner wordt eenvoudig verjaagd of opgegeten.
Oehoe's zijn in principe monogaam, in de herfst en winter vormen zich koppels die beginnen met broeden als er voldoende voedsel is voor jongen. Het vrouwtje legt (gemiddeld) 3 spierwitte eieren die ze zelf in een maand uitbroedt. Zodra er jongen zijn, zorgen beide ouders voor voedsel. 
Dit is de gevaarlijkste tijd voor alle dieren in buurt, de jongen zijn 24 uur per dag hongerig en ze moeten dus vaak en veel gevoerd worden. Pas als ze twee maanden oud zijn, kruipen ze de nestholte uit en leren ze vliegen.