Home » Onze Roofvogels/Uilen » Steenuil Jari
44-1.jpg

Steenuil  Jari

Latijnse naam: Athene Noctua

Even voorstellen...

Twee felgele ogen kijken je indringend aan. Is het angst, nieuwsgierigheid, een vragende blik? Het zijn de ogen van een steenuil. Onze kleinste uil, niet veel groter dan een merel en bruin gevlekt van tint. Maar met zijn opgezette veren oogt hij wat forser. De steenuil hoort thuis op elk boerenerf!

Een paartje steenuilen is hun territorium het hele leven trouw. Het wordt het gehele jaar door verdedigd tegen soortgenoten. In januari/februari hoor je de baltsroep van het mannetje en dat gaat door tot ca. half april het eerste ei wordt gelegd.
Als een van de twee uitvalt (b.v. door een strenge winter of als verkeersslachtoffer), wordt de plaats soms ingenomen door een vogel van elders. We kennen plaatsen waar al decennialang een paartje steenuilen verblijft, waarschijnlijk in wisselende samenstelling.
De uitgevlogen jongen zoeken meestal niet ver van de geboorteplaats een nieuw territorium. Ook als de broedplaats (b.v. onder een dakplaat) verdwijnt, blijven steenuilen hun locatie trouw. In zo'n geval maken ze graag gebruik van een daar dicht bij opgehangen kast.
Omstreeks half april wordt het eerste ei gelegd. Meestal bestaat een legsel uit vier of vijf witte eieren die gedurende vier weken worden bebroed. De jonge steenuilen zijn met een laagje wit dons bedekt. Al na ca. drie weken beginnen ze buiten het nest te komen (takkelingen). In tegenstelling tot bijv. jonge kerkuilen, die de kast pas verlaten als ze kunnen vliegen. Die zitten dan ook nog veilig binnen de schuur op de hanenbalken. De steenuiljongen die op de grond terecht komen worden wel doorgevoed door de ouders. Dat deze jongen zo een makkelijke prooi voor predatoren vormen, mag wel duidelijk zijn. U kunt het steenuiljong eventueel helpen door hem terug te plaatsen in het nest, maar wees niet verbaasd het uilskuiken even later weer op de grond aan te treffen.

De steenuil kent een gevarieerd menu. Meikevers en andere grote insecten bijvoorbeeld. Maar ook regenwormen, kikkers, muizen en kleine vogels van het formaat huismus. De prooi wordt meestal vanaf paaltjes bespied. Dergelijke uitkijkposten zijn dus een essentieel onderdeel van het steenuilenlandschap.

Uilen zijn uitgesproken nachtdieren. Maar het steenuiltje laat zich ook overdag wel zien. Het is een uitgesproken zonaanbidder, die graag een uiltje knapt op een zonovergoten plaats. En als er hongerige jongen zijn, meestal vanaf half mei, jagen de steenuil ouders ook overdag.

 

Bron:Vogelbescherming Nederland